“Het is essentieel in het leven dat verdriet en humor bij elkaar horen”
De ene vrouw brengt troost op het podium, de andere brengt het aan het ziekenhuisbed. Laura van Dolron is theatermaakster, Isabelle Spoormans is oncologe. Ogenschijnlijk twee verschillende werelden met toch heel wat raakpunten. Humor in zware tijden en durven huilen: “Ik vind dat er meer gehuild moet worden in het algemeen, meer gevoeld. Er gaat veel energie verloren in het vechten tegen de tranen.”
Tussen dringende afspraken in het ziekenhuis en voorbereidingen voor de voorstelling Liefhebben dit najaar in De Grote Post, ontmoeten Laura en Isabelle elkaar in onze artiestenfoyer. Laura introduceert zichzelf als stand-up filosoof: “Die term heb ik zelf ooit bedacht”, vertelt ze. “Ik speel in het theater, maar achteraf vroegen mensen me altijd: is dit nu theater of iets anders? Net omdat ik gewoon mezelf ben. Die term klopt nog steeds best wel goed.”
Isabelle is medisch oncologe in het AZ Oostende. “Dat is ook een hele weg geweest. Het is niet dat je als kind droomt van oncologe worden (lacht). Ik wilde eerst gynaecologie studeren, het begin van het leven... Nu doe ik het omgekeerde, mensen begeleiden naar het einde van hun leven. Door stages en ervaringen merkte ik dat je heel veel kan betekenen. In elke vorm: mensen die kunnen genezen of niet meer kunnen genezen … ook als er geen behandelingen meer mogelijk zijn kan je comfort bieden. Het is een beetje zoals jij doet, Laura: met die voelsprieten zoeken naar wat je allemaal kan vertellen. Je moet open zijn, maar mensen moeten het wel nog altijd kunnen verwerken.”
Laura “Mijn clichébeeld van een oncoloog is dat dat mensen zijn die heel goed zijn in iets technisch, maar niet per se heel sociaal. Is dat een vooroordeel dat nergens op slaat?”
Isabelle “Meestal zijn oncologen wel sociaal (lacht). Ik denk dat dat een voorwaarde is om oncologie te doen. Dat is veel veranderd, als je kijkt naar de oudere generatie is daar een evolutie in. Vroeger was het de dokter die zei: dit moet gebeuren. Nu luisteren we meer naar wat de patiënt wil.”
Laura “Vind jij dat dan soms moeilijk als je ziet dat een patiënt niet meer door wil?”
Isabelle “Ja, toch wel. Soms begrijp ik het, maar we kunnen met bepaalde behandelingen nog jaren verder. Vaak zijn het mensen die geen kinderen of partner hebben die dan zeggen: waarom nog eigenlijk?”
Laura “Daar kan ik als kunstenaar dan allemaal antwoorden op geven! De eerste lentedag, de bloesems! (lacht)
Geloven jullie in de genezende kracht van kunst en cultuur?
Isabelle “Ja, ik geloof dat het mensen helpt in het verwerkingsproces, maar ook om hun gedachten eens te verzetten… Dat is een meerwaarde. Het leven is armer zonder kunst.”
Laura “Interessant genoeg is de kunstenaar ook de blootlegger van de wond. En daarmee wordt er geheeld. Eerst kijken naar wat we verdrietig vinden…en in de kunst is het diagnose vaak het medicijn. Mijn boek Liefhebben heb ik geschreven toen ik heel verdrietig was. Ik had een miskraam en het leek alsof ik nooit meer kinderen zou kunnen krijgen. Ik heb toen een boek van Milan Kundera gelezen waarin hij zegt: eenmaal is geenmaal. Omdat je alles maar één keer meemaakt is het zinloos. Ik kwam enorm in opstand! Toen ik dat kindje verloor dacht ik: ik ga dit nog zo vaak beleven. Toen heb ik daar zelf de zin: ‘eenmaal is duizendmaal voor altijd’ tegenover gezet. Liefhebben is voor mij een monument voor dat kindje. De voorstelling is ondertussen zelf een soort bedevaartsplek geworden.”
Isabelle “Omdat het voor veel mensen herkenbaar is.”
Laura “Ja, ik denk het. Ik ben best nuchter en kan niet te lang in somberheid hangen. Er zitten veel verhalen in die verdrietig zijn, maar ook grappige.”
Isabelle “Probeer je er altijd een grappige toets in te stoppen?”
Laura “Nee, dat zit gewoon in mij. Ik geloof ook wel dat het essentieel is in het leven dat verdriet en humor bij elkaar horen. Dat gebied zoek ik graag op.”
Isabelle, is dat iets dat in jouw werk ook terugkomt?
Isabelle “Ja, onze afdeling is wel zalig. We proberen altijd voor een luchtige sfeer te zorgen.”
Laura “En het is niet oppervlakkig door de context waarin jullie werken. Ik moet zeggen, als ik in de buurt ben van een sterfbed, dan wordt er iets in mij rustig omdat je voelt: hier gaat het over. Dan ben je bij die essentie. Ik kan daar gewoon bij zijn, jij hebt natuurlijk een motor om dat lijden op te heffen. En die middelen heb je ook, ik niet.”
Hoe gaan jullie ermee om als een voorstelling of een behandeling niet loopt zoals je verwacht?
Laura “Bij mij gaat er letterlijk niemand dood, behalve ikzelf vanbinnen! Ik heb niet echt verwachtingen, dus ik ga vrij open op het podium. Ik ga er ook altijd vanuit dat het publiek mijn vriend is en doorgaans is dat een self fulfilling prophecy.”
Isabelle “Natuurlijk voel ik me slecht. Je zoekt naar andere middelen om de patiënt te helpen… Maar dat lukt niet altijd.”
Neem je je werk vaak mee naar huis?
Isabelle “Ik probeer dat niet te doen. Emotioneel zou dat niet lukken. Maar natuurlijk blijven sommige patiënten hangen. Jonge kinderen bijvoorbeeld. Dat is normaal. Maar ik probeer het toch te scheiden. Naast mijn werk zoek ik iets dat er helemaal niets mee te maken heeft. Ik heb een opleiding natuurgids gevolgd, een cursus fotografie … Dan zit ik even in een andere, creatieve wereld.”
Laura “Heb je wel eens het gevoel gehad: ik heb gefaald, ik heb het niet goed gedaan?”
Isabelle “Niet in die woorden. Het loopt niet altijd zoals je wil, maar ik denk niet dat dat falen is.”
Laura “Doe jij iets voor je ‘opgaat’? Ik denk aan een slechtnieuwsgesprek. Voor ik op het podium ga, maak ik mezelf helemaal leeg.”
Isabelle “Ik lees het dossier helemaal na. En dan moet ik eens diep ademhalen voor ik naar binnen ga. Als je een paar zo’n gesprekken hebt op een dag, ben je ’s avonds helemaal leeggezogen. Dat vergt veel energie.”
Zijn er manieren om jezelf dan te beschermen tegen verdriet?
Isabelle “Ik heb niet echt een methode, nee.”
Laura “Moet je wel eens huilen?”
Isabelle “Soms heb ik het moeilijk.”
Laura “Vecht je daar dan tegen?”
Isabelle “Ja. Waarom? (denkt na) Soms staan de tranen je in de ogen, maar dan denk ik: ik moet hier de sterke persoon zijn, de dokter waar ze hun hoop op vestigen.”
Laura “De gynaecoloog die mij begeleid had bij mijn miskraam, moest ook huilen. Dat legitimeerde mijn verdriet ergens wel.
Maar de hoop was toen vervlogen, dus ik kan me voorstellen dat jij degene moet zijn die de richting aangeeft. Die tranen in de ogen mogen ze wel zien? (Isabelle knikt) Dat is waarschijnlijk troostrijk. Ik vind dat er meer gehuild moet worden in het algemeen, meer gevoeld. Er gaat veel energie verloren in het vechten tegen de tranen.”
Op de afdeling bij Isabelle zijn er zodanig veel mooie verhalen te vinden dat de arts ervan droomt om ooit een boek te schrijven. “Daar kan ik je vast mee helpen”, zegt Laura. “En wie weet kan ik Liefhebben op de afdeling spelen?” Maar eerst: afspraak op 30 oktober voor Liefhebben in De Grote Post!