Na meer dan 50 jaar is Teater Studio James Ensor nog lang niet uitgespeeld: ‘We hebben een patent op flauwvallers in de zaal.’
Sommige mensen rollen in het theater. Bij acteur en regisseur Duc Duquennoy stond het letterlijk aan de voordeur. ‘Er stond een vreemde man die me vroeg: “Ben jij wie jij bent?”’ vertelt hij. “Ik was vijftien. Ze zochten iemand voor het jeugdtheater. Mijn auditie? Twee keer rond de tafel lopen achter mijn ‘zus’. Het was in orde. Ik mocht meespelen in De Toverschoen. En het is nooit meer gestopt.’ 52 jaar later staat hij er nog altijd. Ongeveer 35 stukken gespeeld, 35 geregisseerd. Soms tegelijk.
Bij acteur en regisseur Ronny Vanderstraeten begon het aan de toog van KVGO. Hij werd uitgenodigd op een repetitie van Teater Studio James Ensor. Eén van de hoofdacteurs was ziek. “‘Hier, dat is zijn tekst, lees maar.”, zeiden ze. Dat was 32 jaar geleden. Ik voelde meteen: dit is een niche. Hier willen we blijven.’ In mei zie je Ronny aan het werk in Het bezoek van de dame.
Ook actrice Dana Brasseur rolde er zonder strak masterplan in. Ze studeerde Woordkunst & Drama aan het Conservatorium aan Zee. Een regisseur zag haar eindexamen, noteerde haar gegevens, en in 2018 stond ze voor het eerst op scène. In 2021 kwam ze bij Teater Studio James Ensor terecht als vervangster. Volgende week straalt ze op het podium als één van de hoofdrollen in De Fancy Fair.
Theater dat iets in gang zet
Teater Studio James Ensor kiest bewust voor alternatieve stukken.
Duc: ‘Wij doen komedies, ja. Maar ze moeten iets zeggen. Maatschappelijk relevant zijn. Het publiek mag lachen, maar we willen ook dat het iets in gang zet.’
Ronny: ‘Mensen komen bij ons kijken omdat ze naar theater willen kijken. Niet alleen omdat het ‘leutig’ is.’
Meet the players
Teater Studio James Ensor heeft vaste kern van zo’n 15 à 16 spelers.
‘Na een productie stuiven we uiteen,’ zegt Ronny. “Iedereen doet zijn ding. En dan vult dat mengsel zich opnieuw. En beginnen we weer.’
Jong bloed vinden is moeilijker.
‘Er is zeker interesse bij jongeren,’ zegt Ronny, ‘maar zij vertrekken vaak uit Oostende om te studeren. En blijven daar plakken. Of ze hebben een beetje drempelvrees.’
Dana herkent dat: ‘Jongeren stappen niet snel zelf naar een gezelschap, zelfs al willen ze heel graag. De oudere generatie doet dat wel. Na mijn eerste voorstelling had ik superveel stress. Nu voel ik dat ik sterker word. Ik heb geen schrik om op het podium te staan. Alleen om mijn tekst te vergeten.’
Ronny: ‘De sterkte van ons gezelschap is dat onze spelers een homogeen geheel vormen. Iedereen is even goed, niemand valt ertussen. We spelen zonder souffleur (fluistert de tekst in tijdens een voorstelling). De betere acteur onderscheidt zich door het feit dat hij zich eruit speelt als hij zijn tekst vergeet. En de andere acteurs spelen mee.’
Geen eenrichtingsverkeer
Ronny: ‘Ik houd van de sterke persoonlijkheden in de stukken die we uitkiezen. Het is geen eenrichtingsverkeer. Je bouwt samen op. De regisseur zegt niet gewoon: “Zo moet het.” Je denkt mee.’
Dana knikt: ‘Het is een uitdaging om de juiste emotie te vinden bij elk stuk tekst. Een lachmomentje hier, een stuk serieuzer daar. Soms roep en tier je, soms is het net krachtiger als je iets ingetogen zegt. In De Fancy Fair heb ik na weken repeteren nog een stuk tekst aangepast. Omdat het plots anders aanvoelde toen alles samenkwam. En dat mag dan ook.’
Duc: ‘Het is een zoektocht naar je eigen personage. Wie bent ik? Waarom zeg ik dit? Waarom op dié manier? Als regisseur moet je voorbereid zijn. Je moet weten waar je naartoe wil. Maar niet alles ligt vast. Als ik een stuk voorbereid, zit het voor 100% in mijn hoofd. Als daar 60% van overblijft, ben ik tevreden. De andere 40% komt van de acteurs. Als regisseur heb je niet alle wijsheid in pact. Er bestaat geen juiste manier in toneel. Elk stuk kan op honderd manieren gespeeld worden. De vraag is: wat werkt voor ons het best?’
Voor het doek opgaat
Twee keer per week repetitie. Twee à drie uur per keer.
Vier à vijf maanden lang. Soms langer. In totaal dertig tot vijfendertig repetities.
That’s what it takes.
De tekst wordt snel geblokt. Dat is een stevige opdracht.
Dana: ‘Ik had de hoofdrol en ik wou dat meteen goed doen. De eerste vijf pagina’s kende ik al op de eerste repetitie.’
Ronny: ‘Met de leeftijd duurt het langer. Maar eens het erin zit, krijg ik het er niet meer uit. (lacht)’
Voor de buiging
‘Ik weet nog,’ vertelt Dana, ‘dat de leerkracht van het conservatorium ons vroeg om ergens in de zaal te gaan zitten waar we ons comfortabel voelden. Ik ging als enige pal in het midden op het podium staan. Ik dacht: dat kan toch niet? Ik verwachtte dat iedereen daar ging staan. Dat moet echt zeggen dat ik passie heb voor toneel.’
Ronny herinnert zich zijn eerste moment op scène. ‘Ik stond achter een deur, net voor het opgaan. De acteur voor mij draaide zich om en vroeg: “Waarom doen we dit eigenlijk?” En dan: boem. Het podium op. Dat onverwachte, accessoires die ontbreken, iemand die flauwvalt in de zaal… en dan toch weer de draad oppikken. Dat is moeilijk. maar ook dat maakt de beleving zo fantastisch.’
Duc: ‘We hebben een patent op flauwvallers in de zaal. In de afgelopen zeven jaar is dat al drie keer gebeurd. (lacht)’
Dana bekent: ‘Ik vond de repetities altijd leuker dan de voorstellingen. Daar kan je nog experimenteren. Maar nu begin ik het spelen ook echt leuk te vinden. Dat moment van buigen… dat is de kers op de taart.’
Duc lacht: ‘Dana zei ooit dat ze alleen wou repeteren en niet spelen. Dat is zoals een voetballer die wil trainen, maar geen match wil spelen.’
Over De Fancy Fair
In De Fancy Fair volgen we vier vrouwen met straat- en pleinvrees die verplicht samenkomen voor een rommelmarkt. Wat begint als iets banaals, legt laag per laag bloot waar die angsten vandaan komen.
‘Het stuk heeft een boodschap,’ zegt Duc. ‘Niet moraliserend. Maar het zet je aan tot nadenken. Ook al is het met een lach.’
Thema’s rond vrouwen en veiligheid liggen vandaag gevoelig. Dat maakt het alleen maar scherper.
Dana: ‘Ik herken me ook in het stuk. Als vrouw heb ik bijvoorbeeld ook schrik om ‘s avonds rond te lopen. Dat probleem werd ook naar voren gebracht in De Afspraak, tijdens het gesprek tussen Soundos El Ahmadi en Bart Schols.’
Op donderdag 26 februari gaat De Fancy Fair in première in De Grote Post.
In totaal spelen ze vier voorstellingen, tussen 26 februari en 1 maart.
Kom kijken. Ze zijn er al 50 jaar. En ze zijn nog lang niet uitgespeeld.
Agenda
-
-
do 26 feb20:30 - 22:15De Grote Post, Oostendezaal Dactylo
-
vr 27 feb20:30 - 22:15De Grote Post, Oostendezaal Dactylo
-
za 28 feb20:30 - 22:15De Grote Post, Oostendezaal Dactylo
-
zo 1 mrt14:30 - 15:45De Grote Post, Oostendezaal Dactylo
-