© Annique Konink-Burms

“We gaan het niet houden bij één sonateke”

De in Oostende geboren componist Frank Nuyts wordt binnenkort 65. Driewerf hoera! Drie van zijn pianosonates worden uitgevoerd door drie pianisten.

Op 3 februari is het 65 jaar geleden dat Frank Nuyts werd geboren in Oostende. Hij week uit naar Gent en bouwde een internationale carrière uit als componist. Hij schreef onder meer concerto’s, symfonieën, kamermuziek en een reeks pianosonates. Drie daarvan worden op zondag 19 december uitgevoerd in De Grote Post door drie toppianisten. Een avant-verjaardagsfeestje.

Interview - Ronald Verhaegen


 © Rachel Gruijters

Hiep hiep! Proficiat alvast. Hoe ben je ertoe gekomen om pianosonates te schrijven?

Frank Nuyts: (lacht) “Dank je. Mijn eerste poging was in 1980 zowaar. Een bevriende pianist uit Australië had een eerste kindje gekregen en ik was op zoek naar een origineel cadeau. Waarom geen pianosonate? Een impulsieve compositie waarvan ik uiteindelijk maar een deeltje heb behouden. Ik noemde ze ook de nulde sonate, ze was niet het echte begin naar mijn gevoel. In 1992 deed ik nog een poging maar ook daar was ik niet helemaal tevreden over. Ik richtte me in de daaropvolgende jaren op mijn band Hardscore, een cross-over band waarin elementen uit pop, avant-garde en klassiek werden vermengd.” 

“In 2001 kwam ik tot de vaststelling dat programmatoren niet meer zo ruimdenkend waren. De band ging in de koelkast en ik ging me weer meer als klassieke componist profileren. En zo kwam ik terug uit bij pianosonates - mijn vrouw Iris (De Blaere, red.) is ook pianiste trouwens - en ben ik aan de reeks begonnen. Want we gaan het niet houden bij één sonateke, dacht ik bij mezelf. Ik heb dan op drie maanden drie sonates geschreven. Die zijn dan datzelfde jaar nog gebruikt in een grote dansvoorstelling in de oude mijngebouwen in Winterslag.”

Het zijn in totaal 24 sonates geworden. Een getal met een betekenis?

Frank Nuyts: “Er zijn 24 preludes van Chopin, 24 preludes van Debussy, dat zijn meestal kleine stukken. Ik zag het in mijn geval een beetje groter, met volwaardige sonates. In het geheel is het alles samen toch een cyclus van negen uur. Dat wordt dus bijna als een Ring van Wagner (lacht). 

"Vaak zei men dat er moeilijk een naam kan geplakt worden op de stijl waarin ik componeer"

Elke sonate is voor een specifieke pianist geschreven en heeft ook een eigen verhaal. Zo meteen mag je uitleg geven bij de drie sonates die zondag in De Grote Post worden gespeeld. Maar eerst: waarom de keuze voor die drie sonates en de pianisten die ze zullen spelen: Jan Michiels, Gabi Sultana en Bart Meynckens?

Frank Nuyts: “Dat heeft met Dirk Ooms te maken (de directeur van het Conservatorium aan Zee die pas met pensioen is gegaan, red.). Hij stelde voor om Jan Michiels te vragen, een leraar aan het Conservatorium van Brussel, in combinatie met een ex-leerling van Jan, Bart Meynckens, die nu les geeft aan het Conservatorium van Oostende. Een mooie link. Jan Michiels speelt Sonate 16, die ook voor hem is gecomponeerd. Bart Meynckens speelt Sonate 2, een vroege sonate die door mijn vrouw is gespeeld, maar zij wou liever passen in de context van dit concert, vandaar dat we bij Bart uitkomen. En dan is er nog de wonderlijke Gabi Sultana, zij speelt Sonate 21 die ook voor haar is geschreven.”

Het concert opent met Sonate 2 (Nomen nudum) door Bart Meynckens.

Frank Nuyts: “Ja, die sonate betekende de eigenlijke start van de reeks. De ondertitel Nomen nudum verwijst naar een term uit de paleobiologie. Wanneer iemand denkt een onbekende soort te hebben ontdekt, mag hij die een naam geven, totdat er iemand anders bewijst dat het fossiel toch tot een reeds bekende familie behoort. Die voorlopige naam heet nomen nudum, naakte naam.”

“Vaak zei men dat er moeilijk een naam kan geplakt worden op de stijl waarin ik componeer. Mijn opleiding startte in het zogenaamde modernisme, noem het avant-garde, maar gaandeweg, begon ik steeds meer invloeden toe te laten. Het geheel is noch conservatief noch experimenteel. Het zit net op de grens tussen beide. Voor mij lange tijd de enige plek waar ik zelf nog echt nieuw kon zijn. Sonate 2 is een ideale opener van het concert.”


© Rachel Gruijters

Dan door naar één van de laatste sonates die je schreef, Sonate 21 (Atlantis renascent). Een gevoelige sonate. 

Frank Nuyts: “In 2016 werd mijn zoon Yann het slachtoffer van een grote brand. Pianiste Gabi Sultana had net voordien een sonate besteld, 'ruikend naar de zee'. Zij is afkomstig van Malta, een vulkanisch rotsblok midden in de Middellandse Zee. Ik zag een overeenkomst tussen de manier waarop dit eiland met vuur en vlam is opgerezen uit het water en de manier waarop Yann uit het vuur van de brand is herrezen na een lange coma, mee dankzij de onnoemelijke inspanningen van artsen en verplegers van het Universitair Ziekenhuis van Gent. Deze Sonate 21 is dan ook opgedragen aan Professor Stan Monstrey - ook een geboren Oostendenaar trouwens - en zijn team.”

“In het eerste deel hoor je een allusie op de zeer specifieke autochtone volksmuziek van Malta. De klimmende figuur mag je interpreteren als het ontwaken uit de coma. Het tweede deel is een evocatie van een raadselachtig doorgroefde rotsvlakte aldaar. Het laatste deel is dan weer een evocatie van de eindeloze watervlakte met zijn brekende golven die het eiland aan alle kanten omringt. Deze sonate is het emotionele hart van het concert, ze werkt heel erg op het gemoed van de mensen. ”

"Dit is de meest overdonderende sonate van de drie"

En ten slotte de finale: Sonate 16.

Frank Nuyts: “In 2012 vroeg Daan Bauwens, toen directeur van De Bijloke, of ik een reeks van vier sonates wou componeren. Ik besloot mij te laten inspireren door de Bijlokesite zelf. Wanneer je in de binnentuin staat, zie je jezelf omringd door vier heel verschillende soorten bouwstijlen. In het Westen staat er nu een modern gebouw, onderdeel van de School of Arts. Het lijkt op een kubus van glas. Dit is de meeste modernistische sonate van de reeks. Bij een bepaalde lichtinval lijkt het alsof binnen het gebouw wolken worden gevangen.” 

“Associaties met luchthavenarchitectuur brachten mij ertoe John Williams te parafraseren uit de filmsoundtrack van Catch me if you can. Maar even goed passeert in het derde deel een trage stroom noten, die vaag aan Sea Change van Beck herinnert. Dit is de meest overdonderende sonate van de drie.”